woensdag 10 oktober 2012

Meer inflatie en meer schulden geen oplossing



Het kon eigenlijk niet uitblijven, dat het Internationaal Monetair Fonds (IMF) als de ‘oplossing’ voor de crisis in de eurozone, hogereinflatie zou voorstellen. Immers, een voormalig hoofdeconoom van het IMF, Kenneth Rogoff, pleit daar al enige tijd voor, net als de huidige hoofdeconoom, de Fransman Olivier Blanchard. 

Ook in Nederland zien veel economen, analisten en anderen die zich met de crisis bezig houden, de oplossing in meer inflatie, het liefst in combinatie met meer overheidsstimulering en zeker geen bezuinigingen. Dit is hetzelfde als een drugsverslaafde die van zijn verslaving af wil, adviseren per ommegaande een dubbele dosis in te nemen en meteen erna een fles whisky leeg te drinken. 

Damned if it works, damned if it don't work
 
Iedereen die meer inflatie en geen bezuinigingen bepleit, negeert een paar ongelegen waarheden, om met Al Gore te spreken. 

In de eerste plaats is er de vraag wat er moet gebeuren als enkele jaren van 4 of 5 procent inflatie geen gewenst effect blijkt te hebben. Grote kans dat het advies dan zal luiden de periode te verlengen of voor nog iets meer inflatie te gaan. 

Maar ook als het zou werken, namelijk als de schulden licht verlaagd zouden worden, wie garandeert ons dat de overheden niet nog meer inflatie zouden willen. Immers, als enkele jaren van 4 procent inflatie de schuld iets verlichten, stel je voor wat enkele jaren van 6 procent inflatie aan voordeel zouden opleveren! Met andere woorden, dé vraag is: waar ligt de grens? Het probleem is dat elk antwoord op die vraag van het IMF en de overheden bij voorbaat ongeloofwaardig is. 

Kwikzilver
 
In de tweede plaats wordt in de voorstellen om gedurende enkele jaren hogere inflatie toe te staan, gedaan alsof de overheden en de centrale banken de inflatie perfect kunnen sturen. Iemand die ook maar enigszins weet hoe een centrale bank werkt, weet dat geen centrale bank een regelaar in huis heeft waarmee ze het gewenste inflatiepercentage kan vaststellen en de inflatie daarop kan houden of naar believen omlaag of omhoog kan zetten. 

Een centrale bank die de inflatie gaat aanjagen, kan niet weten de geldontwaarding zal stoppen. Inflatie is namelijk het beste te vergelijken met kwikzilver: behalve dat die uiterst giftig is, is die, eenmaal vrijgekomen, nauwelijks op te pakken. 

Uit de historie weten we dat de inflatie, als die circa 4 of 5 procent bedraagt, eigen leven gaat leiden. Dit omdat werkgevers, werknemers en beleggers ermee rekening gaat houden dat de inflatie elk jaar zo hoog zal zijn. Daarom zijn de inflatieverwachtingen cruciaal, als die oplopen volgt de werkelijke inflatie vrij snel. 
Zorgwekkend is dat de inflatieverwachtingen de laatste tijd toch al behoorlijk opgelopen zijn, door de aankondiging van de derde ronde van kwantitatieve verruiming door de Fed en plannen van de ECB om onbeperkt staatsobligaties op te kopen. Daarom kan de gestegen inflatie alleen terug in het hok gestopt worden door forse renteverhogingen die echter tegelijkertijd de economische groei om zeep helpen.

Bezuinigingen
 
Ten aanzien van bezuinigingen, stellen veel economen en analisten dat nu niet het juiste moment is daarvoor omdat de economische groei laag is en de werkloosheid stijgt. Bezuinigen is uiteraard niet iets wat een overheid graag doet. Er kan echter een situatie ontstaan waarin bezuinigen geen alternatief heeft. Dat moment beleven de Westerse landen tegenwoordig.

De staatsschulden zijn in zo goed als alle Westerse landen óf al veel te hoog óf hard op weg naar dat niveau, dat ongeveer op 90 procent van de totale economie ligt. Dat Nederland een staatsschuld van ca. 70 procent kent, is een schrale troost. Die schuld is nu nog te dragen doordat de rente die de Staat betaalt om geld te lenen, historisch laag is. Als de rente zou stijgen, want bij een hogere inflatie zal gebeuren omdat beleggers compensatie eisen daarvoor, komt ook Nederland in een mum van tijd in grote problemen met zijn staatsschuld.

Diegenen die tegen bezuinigingen zijn, gebruiken als argument dat bezuinigen de economische groei op de korte termijn omlaag drukt. Dat is ontegenzeggelijk waar. Maar bezuinigingen hebben ook effecten op de middellange en lange termijn. Een van die effecten is het zogeheten vertrouwenseffect: vertrouwen dat een land serieus zijn problemen aanpakt, geeft vertrouwen in de toekomst van dat land. 

Economen en analisten die bezuinigingen afkeuren, kijken blijkbaar niet verder dan tot zomer 2013. Dat is zo mogelijk nog absurder dan het advies aan drugsverslaafde die van zijn verslaving af wil, voortaan een dubbele dosis te nemen en die na te spoelen met veel alcohol.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten